Bouwconcepten in hout en staal

Bouwconcepten in hout en staal

Standaardkozijnen in productbibliotheek

Circulair, modulair, remontabel: met recente projecten demonstreren de bouwconcepten HOUTbaar huis, HOUTbaar loft en Open Ateliers ieder op eigen wijze hun reikwijdte – in respectievelijk hout en staal. Open Ateliers van HOH Architecten levert met een vaste set bouwstenen in ieder project maatwerk – met aan de gevel vrij te plaatsen sectionaaldeuren, aluminium puien en gesloten Kingspan panelen. Aan de basis van de HOUTbaar concepten van TBI WOONlab staan prefab houtbouwelementen. Voor de productbibliotheek van de twee houtconcepten ontwikkelde Nijhuis Toelevering een standaardkozijn uit mahonie. Rik Wegerif van Nijhuis: “Simpel gezegd: we hebben één keer het wiel uitgevonden en dat gebruiken we vervolgens altijd. Architecten mogen daar dus niet in wijzigen.”

De bouwconcepten van HOH en TBI WOONlab zijn de tekentafelfase lang en breed voorbij. HOH Architecten realiseerde met zijn bouwconcept Open Ateliers twee projecten, allebei in Utrecht. TBI assembleerde in Hengelo in maart een blok met vier rijtjeswoningen naar het HOUTbaar-huis-concept. In Rotterdam plaatste het bedrijf kortgeleden drie lofts uit hout.

Open Ateliers 11 heeft een binnenconstructie van HEA-profielen en een buitenconstructie van UNP-profielen. Aan de gevel: dichte Kingspan panelen, sectionaaldeuren en aluminium panelen met glas.

Referentie: atelierwoningen
Het meest recente ontwerp van HOH Architecten is Open Ateliers 11: elf bedrijfsruimtes aan de Haarrijnseplas, verdeeld over twee vrijstaande panden. De units liggen in de oksel van de afslag Maarssen aan de A2, in de luwte van een strook grotere bedrijfspanden. Aan de andere zijde is er het vergezicht op de Haarrijnseplas. In hun vormgeving refereren de twee modulaire HOH-panden aan vroegtwintigste-eeuwse atelierwoningen, zoals Theo van Doesburgs Maison d’Artiste in Parijs of de modernistische aterlierwoningen van Le Corbusier – met hoogopgaande ruimtes dankzij vides en met grote glaspartijen aan de gevels. Ook het Eames House is Los Angeles behoort tot de referenties – mede dankzij het gebruik van off the shell-producten voor de bouw van het woonhuis annex atelier.

Het meest recente ontwerp van HOH Archtecten met het eigen bouwconcept: Open Ateliers 11, elf bedrijfsruimtes in Utrecht, verdeeld over twee panden.

Aangereikte materialen
Met die referenties in het achterhoofd ontwierp HOH in Utrecht al eerder een pilot met het modulaire bouwsysteem. Het Open Ateliers-concept ontstond daarbij uit een concrete vraag van een aannemer, vertelt architect Freyke Hartemink van HOH: “Het eerste gebouw dat we met dit modulaire systeem ontwierpen – Open Ateliers 5 – ging niet uit van een vooropgezet systeem, maar van de materialen die de aannemer aanreikte. Hij vroeg ons om op een kavel een bedrijfspand te ontwikkelen van drie verdiepingen, waar hij met zijn busje naar binnen kon rijden. Met de toevoeging: ‘Ik heb Kingspan panelen, staalprofielen en kanaalplaatvloeren.’”
Dat mondde in 2017 uit in Open Atelier 5, een bedrijfspand uit vijf geschakelde modulaire units, eveneens aan de Haarrijnseplas – inclusief sectionaaldeuren en een vide om ruimte te bieden aan de bedrijfswagen van de aannemer.

LVL in Hengelo
Ook de modulaire bouwconcepten in hout vonden al hun weg naar de bouwpraktijk. In Hengelo verrees in maart een blokje met vier woningen, in Rotterdam staan als pilotproject drie lofts op een terrein nabij het Lloydkwartier. Rudy van Gurp van TBI WOONlab: “Het concept voor de woning is ontwikkeld in samenwerking met Sustainable Homes en de TBI-ondernemingen ERA Contour, Hazenberg Bouw en Koopmans Bouwgroep. Het rijtjeshuisconcept bestaat uit 3D LVL-modules (laminated veneer lumber) met één vaste maat. Daaruit kun je een complete woning opbouwen. Een woning van drie verdiepingen en drie modules per verdieping stel je samen uit negen LVL-modules. We bieden de rijtjeshuizen aan als gasloze woning en in vier installatievarianten, bijvoorbeeld met vloerverwarming of infraroodpanelen. Het gevelaanzicht kan worden toegesneden op welstands-, gemeentelijke of andere eisen. In Hengelo hebben de woningen een esthetische schil van klikbare steenstrips.”

CLT in Rotterdam
The New Makers, ontwikkelaar van modulaire bouwsystemen, was bij de lofts partner van TBI. De lofts worden geassembleerd uit platen CLT (cross laminated timber) en één 3D-module (de comfortcabine). De digitaal gefreesde CLT-platen worden samengesteld tot halffabrikaten, zoals de voorgevel of een geïsoleerde wand. Ook de lofts zijn schakelbaar. TBI levert daarnaast allerlei interieurmodules (trappen, vloeren, wanden, kasten) die in de loft ‘ingeklikt’ worden – en desgevraagd weer ‘uitgeklikt’. Dat maakt de lofts – net als de rijtjeshuizen – volledig remontabel. De lofts zijn momenteel leverbaar met drie esthetische gevels. Maar het concept wordt voortdurend doorontwikkeld, aldus Van Gurp: “Het kan zijn dat we van deze specifieke gevels afstappen.” 

 De stelkozijnen in Open Ateliers 11 zijn gemonteerd op stalen stiften, om de 500 millimeter op de UNP-profielen gelast. Daarop zijn de Reynaerskozijnen bevestigd. De kozijnen zijn demontabel.

  De transparante geveldelen van Open Ateliers 11 kregen geïsoleerde aluminium CS 77-profielen van Reynaers met binnenbeglazing.

Eenduidig gevelbeeld
Open Ateliers 11, het tweede modulaire gebouw van HOH Architecten aan de Haarrijnseplas, is opgebouwd uit dezelfde bouwstenen als Open Ateliers 5. De bouwkundige constructie van Open Ateliers 11 bestaat uit twee delen: een binnenconstructie van HEA-profielen waar de kanaalplaatvloeren op liggen en een buitenconstructie van UNP-profielen, gecoat in RAL9005. De elf units zijn ontkoppeld in verband met brand en geluid, het staal binnen is bekleed met brandwerende gipsbeplating om brandoverslag te voorkomen. De isolatie is geïntegreerd in de gevelpanelen. In Open Ateliers 11 zijn onder andere een makelaar, een fitnessstudio en een projectontwikkelaar gevestigd, en HLE Bouw, de aannemer die het pand bouwde. Freyke Hartemink van HOH: “Binnen de mogelijkheden van het systeem konden de gebruikers vrij hun plattegrond kiezen. In de puien bleef een eenduidig beeld overeind door de beperking tot drie gevelopties: dichte panelen, sectionaaldeuren of aluminium panelen met glas, sommige met kiepramen. Die beperking is een goede kapstok voor een individuele invulling zonder in te leveren op de eenheid in het gevelbeeld.”
Alle geveldelen zijn zwart gepoedercoat. Hartemink: “Ook dat zorgt voor eenheid en rust in de gevel, samen met de verwantschap van materialen: staal, aluminium en glas.”

Het HOUTbaar huis-concept bestaat uit 3D LVL-modules (laminated fineer lumber) met een vaste maat. Het gevelaanzicht kan worden toegesneden op welstands-, gemeentelijke of andere eisen. De HOUTbaar lofts worden geassembleerd uit platen CLT (cross laminated timber) en één 3D-module (de comfortcabine). De digitaal gefreesde CLT-platen worden samengesteld tot bouwdelen van de loft, zoals de voorgevel of de wand.

Vrije maatvoering
Open Ateliers 11 is volledig demontabel en herbruikbaar. Hartemink: “Alles is opgelegd en geschroefd.” De breedtemaat van de units is 5,20 meter. Hartemink: “Maar die maat is binnen ons concept variabel per opdracht of project, aan te passen aan de locatie of het programma van eisen. Binnen de gegevenheden van de constructie heeft ons systeem een vrije maatvoering.” Die vrije maatvoering moet ook in de gevels worden opgelost. Hartemink: “Daarbij draait het bij de puien om het vinden van het antwoord op de vraag: wat is esthetisch, hanteerbaar en betaalbaar?” Dat resulteerde in Open Ateliers 11 in een puimaat van 1,20 meter.

Demontabele kozijnen
HLE Bouw monteerde in de buitenconstructie van UNP-profielen de puien uit geïsoleerde aluminium CS 77-profielen van Reynaers met binnenbeglazing. Voor de kozijnen (en garagedeuren en voordeuren) laste HLE om de 500 millimeter stalen stiften op de UNP-profielen. Hierop zitten de stelkozijnen waarin de kozijnen bevestigd zijn. Dat maakt de kozijnen in principe demontabel, aldus HLE. De stelkozijnen zijn rond de garage en voordeur afgewerkt met zetwerk op kleur van het staal. Waar nodig werden verstevigingskokers toegepast om de sterkte van de constructie te kunnen halen. De verbindingen kwamen tot stand met behulp van stiften, pennen, lijmen en persen. Aan het aluminium werd niet gelast. De aansluiting tussen het aluminium profiel en het houten stelkozijn werd aan de buitenzijde uitgevoerd met een afdichtingsrubber. De dubbelglas puien werden voorzien van blank HR++ isolatieglas met een U-waarde van 1,1 W/m2K, een L.T.A. van 79 procent en een Z.T.A. van 64 procent. Het beglazingssysteem is ‘droog’. De ruiten zijn tweezijdig voorzien van een beglazingsrubber conform het aluminium profielsysteem. De ruiten worden aan de onderzijde belucht. Puien en beslag hebben SKG-weerstandsklasse 2.

Productbibliotheek
Voor de houtconcepten van TBI levert Nijhuis Toelevering in Rijssen Concept III kozijnen, waarvan de detaillering is afgestemd op de CLT- en LVL-constructie. Rudy van Gurp van TBI WOONlab: “Bij deze concepten maken we de stap van projecten naar producten. Dat vergt omdenken. Nijhuis was als comaker al aan de voorzijde bij de concepten betrokken. Daar rolde één mahoniehouten standaardkozijn uit. Het kozijn is voor beide concepten identiek en kan desgewenst worden voorzien van dubbel- of tripelglas. We denken nu samen met Nijhuis ook na over kozijnloos glas voor het CLT-concept, dus vastglasdelen rechtstreeks in de 2D-elementen verwerkt.”
Het kozijn-op-maat voor TBI is toegesneden op de modulariteit van beide concepten, vertelt Rik Wegerif van Nijhuis Toelevering: “Alles aan dit kozijn ligt vast. Zo zijn de productie en montage altijd hetzelfde. Simpel gezegd: we hebben één keer het wiel uitgevonden, en dat gebruiken we vervolgens altijd. Daarnaast is het kozijn onderdeel van de productbibliotheek van de concepten. Architecten mogen daar dus niet in wijzigen. Je vraagt je af waarom we niet altijd zo werken, met vaste productbibliotheken. Het vereenvoudigt en verkort de productie en de bouw en er is geen meerwerk of onduidelijkheid over de prijs van de producten in de bibliotheek.”


Voor de houtconcepten van TBI levert Nijhuis Toelevering in Rijssen een gestandaardiseerd Concept III-kozijn, waarvan de detaillering is afgestemd op de CLT- en LVL-constructie. Het standaardkozijn is onderdeel van de productbibliotheek van loft en huis.

Opschalen
Van Gurp ziet kansen voor opschalen met de houtconcepten: “Er is vraag vanuit de markt, het draait nu nog om de betaalbaarheid. Opschalen kunnen we onder andere door het werk te verplaatsen van de bouwplaats naar de fabriek. Dat resulteert in een korte montagetijd op de bouwlocatie. De productiecapaciteit van de masterplaten in CLT zit in het buitenland, waar de moederplaten ook voorzien worden van al het digitale freeswerk. De LVL-capaciteit zit wel al in Nederland.”

CLT en houtskeletbouw
Ondertussen ontwikkelde ook HOH Architecten een modulair bouwconcept in hout. Hartemink: “In het verlengde van Open Ateliers vroegen we ons af of we niet in hout een vergelijkbaar systeem konden ontwikkelen – met flexibele maten, geschikt voor allerlei toepassingen, en voorzien van een gestandaardiseerde gevelinvulling.” Aan de Gooiseweg in Amsterdam Zuidoost wordt in oktober gestart met de bouw van 24 rijwoningen en een toren van acht verdiepingen in dit modulaire houtconcept van HOH. De toren wordt volledig opgetrokken uit CLT, het gebouw is geen hybride met betonkern. De woningen in het HOH-ontwerp krijgen deels CLT-, deels houtskeletbouw- en deels Steicowanden, naar gelang de gevraagde belasting. De overspanningen zijn afgestemd op het stramien van het transport van de prefab delen naar de bouwplaats.
Ook de gemeente Utrecht informeerde bij HOH Architecten of aan de Haarrijnse plas niet meer met het Open Ateliers-systeem gebouwd kan worden – maar dan in hout. Volgens Hartemink liggen daar zeker kansen: “Bij de huidige woningbouwopgave van een miljoen nieuwe woningen is duurzame systeembouw in hout een goed vertrekpunt.”

CLT en LVL
CLT (cross laminated timber, in het Nederlands kruishout of kruislaaghout) en LVL (laminated veneer lumber) zijn industrieel samengestelde houtproducten. Bij CLT gaat het om constructieplaten uit meerdere lagen onder hoge druk kruislings verlijmd vurenhout. CLT-platen worden gebruikt als vloer-, wand- en dakelement. LVL-balken bestaan uit meerdere lagen onderling parallel verlijmde grenen- en vurenfineer. LVL-balken worden ingezet als draagbalken en zelfdragende vloeren (panelen).

 

Tekst Hans Fuchs  Beeld: HOH Architecten, Nijhuis Toelevering, TBI WOONlab

Dit artikel staat in Raam en Deur editie 2-2021 rubriek "Dossier Circulair". 

 

Hier uw advertentie?
Bel +31 (0)73 503 35 44.

Schrijf u in voor onze nieuwsbrief