Servatius trots op erkenning Politiekeurmerk

Servatius trots op erkenning Politiekeurmerk

Bouwplanadviseur Cor van Koert adviseert Maastrichtse woningcorporatie

  

 

Woningcorporatie Servatius uit Maastricht bezit ongeveer 10.000 wooneenheden in de stad. Bij alle renovatieprojecten en nieuwbouw is het Politiekeurmerk Veilig Wonen een vast onderdeel. In de bestaande bouw wordt altijd uitgegaan van het Certificaat Veilige Woning. Ook de omgeving en woongebouwen wordt daarin meegenomen. In de nieuwbouw wordt uitgegaan van het Certificaat Veilig Wooncomplex (kavels, gebouw en woning).

 PKVW-adviseur Cor van Koert: “In dit soort wooncomplexen bepaalt vooral het gedrag van de bewoners hoe goed goederen beschermd zijn tegen ongenode gasten.”

De Maastrichtse corporatie heeft de afgelopen jaren een flink aantal renovatieprojecten uitgevoerd, waarvan recent het Sint Servaasbolwerk is opgeleverd. PKVW-bouwplanadviseur Cor van Koert is adviseur van Servatius: “Het Sint Servaasbolwerk is een project waarin Servatius weer liet zien grote waarde te hechten aan de veiligheid van en in gebouwen en hun omgeving”, vertelt hij. Dat ging niet altijd van een leien dakje. Zo lenen oudere ramen en deuren, weliswaar in goede conditie, zich vaak niet voor SKG-goedgekeurd hang- en sluitwerk en welstandscommissies gaan niet met iedere oplossing akkoord. Uitdagingen die voor een aantal woningen in het Sint Servaasbolwerk kunst- en vliegwerk opleverden om tóch te kunnen certificeren. Van Koert is ondertussen volop bezig met het volgende renovatieproject van Servatius: het Old Hickoryplein in Maastricht.

 Het omheinde achterterrein wordt zorgvuldig onderhouden en is open ingericht. Dat bevordert het veiligheidsgevoel.

 Door het achterterrein af te sluiten met een hek waarvan alleen bewoners een sleutel hebben, wordt voorkomen dat onbevoegden er makkelijk kunnen komen.

Onafhankelijk
Servatius benaderde de adviseur enkele jaren geleden met de vraag of hij wilde adviseren bij de plannen voor de renovatie van in totaal 8.000 woningen, waarbij ook veiligheid een belangrijk aspect moest zijn. Van Koert: “De corporatie vond mijn onafhankelijkheid belangrijk. Ik verdien mijn geld als adviseur PKVW, maar verkoop zelf geen producten om woningen of wooncomplexen veiliger te maken. Dat was voor Servatius een voorwaarde.”
Inmiddels is de uit Helmond afkomstige Van Koert al jaren de vaste adviseur van de corporatie. “Dat zorgt ervoor dat je elkaar kent en weet waar wensen en mogelijkheden kunnen samenkomen. Want misschien is de ideale situatie niet haalbaar, de best mogelijke wel. Door daar samen naar te kijken, kun je al een enorme sprong richting de PKVW-eisen maken.”

 De balkons van de woningen op de eerste etage zijn via het lage muurtje makkelijk te beklimmen. Dat betekent dat ramen en deuren drie minuten inbraakwerend moeten zijn.

 PKVW-adviseur Van Koert ziet het regelmatig: toegangsdeuren die niet afgesloten zijn doordat de dagschoot door een bewoner is geblokkeerd in open stand.

Onveilige bergingen
Van Koert neemt ons mee naar de kelders van een van de wooncomplexen aan het Old Hickoryplein om uit te leggen wat hij daarmee bedoelt. “Je ziet hier een lange donkere gang. Goede verlichting is hier essentieel voor de veiligheidsgevoelens van de bewoners. Zeker kleine hoeken en nissen kunnen onoverzichtelijke en daardoor onveilige plekken worden omdat inbrekers of andere onbevoegden zich er makkelijk kunnen ophouden. Zo’n onveilige situatie kan relatief eenvoudig verbeterd worden door de verlichting aan te passen en bij hoeken en nissen met spiegels te werken zodat je altijd kunt zien of er iemand staat.”

 Een lange en donkere gang met kelderboxen. Hierin is goede verlichting essentieel voor het veiligheidsgevoel van de bewoners.

 Een goede lamp in combinatie met een goedgekeurde rookmelder is onderdeel van de eisen voor PKVW.

 Als de toegangsdeur naar de bergingen niet goed wordt afgesloten, zijn onbevoegden zó binnen.

Maar de verlichting is slechts een kleine ‘veiligheidsuitdaging’ in de centrale ruimte. “Zoals je kunt zien is iedere individuele berging afgesloten met een eenvoudige binnendeur. Als je kwaad wilt, trap je zo’n deur vrij eenvoudig open. Omdat veel mensen tegenwoordig kostbare fietsen, bromfietsen, scootmobielen, gereedschappen en andere spullen in die kelderboxen stallen, wil je die zo goed mogelijk beschermen.”

 
Een van de centrale ingangen van een wooncomplex die toegang verschaft tot de entreehal.

Centrale toegangsdeur
Om iedere berging volgens de PKVW-normen te beschermen, moeten de deuren vervangen worden door voldoende stevige deuren waar inbraakwerend hang- en sluitwerk op aan gebracht kan worden. Nog beter zijn deuren en kozijnen die voldoen aan inbraakwerendheid klasse 2. “Dat gaat ver over het budget heen. In dit geval zouden 171 deuren vervangen moeten worden, vaak inclusief kozijnen”, zegt Van Koert. Toch wil Servatius het complete wooncomplex zo veilig mogelijk renoveren. De oplossing ligt volgens Van Koert in plaatsing van inbraakwerende toegangsdeuren naar de bergingsgangen. “Als de verlichting op peil is en de toegangsdeuren naar het keldercomplex inbraakwerend zijn, heb je een voldoende veilig afgesloten ruimte gecreëerd. Niet altijd helemaal conform de eisen van het Politiekeurmerk, maar wel voldoende in de geest van het PKVW.”

Bewoners bepalen
Zodra de toegangsdeur ter sprake komt, wijst Van Koert op de belangrijke rol van de bewoners. “Hoe goed en veilig een deur ook is, als bewoners er niet zorgvuldig mee omgaan, heb je niets aan al die kwaliteiten. Zo zie je regelmatig dat toegangsdeuren niet goed afgesloten worden door de dagschoot te blokkeren in open stand. Ook worden kleine obstakels geplaatst worden die voorkomen dat de toegangsdeur dichtvalt.” Dat is volgens de bouwplanadviseur een veelvoorkomend gebruik in wooncomplexen met interne toegangsdeuren naar bergingen en kelderboxen. “Daar vinden bewoners het vaak maar lastig dat ze een sleutel moeten gebruiken voor dergelijke deuren. Maar wat ze zich niet realiseren is dat iedereen die toegang heeft tot die centrale ruimte dan ook zonder problemen bij de bergingsruimte kan komen. In dit soort wooncomplexen bepaalt vooral het gedrag van de bewoners hoe goed goederen beschermd zijn tegen inbrekers en andere ongewenste gasten. Zo zie je in woongebouwen vaak dat het op slot draaien met de sleutel van voordeuren te veel moeite lijkt. Het hele hebben en houden bevindt zich dan achter een simpele dagschoot. Met een flipperkaartje loop ik binnen 20 seconden geluidloos naar binnen en dat terwijl ik daar echt niet bedreven in ben.”

Hekwerk
Van Koert heeft, vanwege de uitbraak van het coronavirus, zijn inspectie van het Old Hickoryplein nog niet kunnen afronden op woningniveau. “Toch is mijn indruk dat de bewoners van de 171 woningen redelijk consequent zijn in het afsluiten van centrale toegangsdeuren. En dat geldt ook voor de hekwerken naar de ruimtes achter de woningen en de binnenpleinen.” Dat is belangrijk omdat via die kant van de wooncomplexen de eerste woonlaag van galerijwoningen bereikbaar is. “Hoe minder onbevoegden daar kunnen komen, hoe kleiner de kans op inbraak. Maar ook voorkom je daarmee de kans op verwaarlozing van het terrein. Bewoners zullen het beter onderhouden en schoonhouden dan vreemden. Die laten er vaak troep achter en veroorzaken overlast. Ook dat speelt een belangrijke rol in de veiligheidsbeleving van bewoners. Schoon en heel is veilig en rotzooi trekt rotzooi.”

Bespied voelen
Voor de buitenterreinen adviseert Van Koert naast goede verlichting vooral overzichtelijke parkjes. “Veel gras en wandelpaden met wat lage begroeiing. Maar geen hoge struiken waarachter mensen zich ongezien wanen. Zorg dat hangjeugd en mensen die daar niet thuishoren, zich er bespied voelen. Onderzoek wijst uit dat inbrekers vaak in een straal van drie kilometer van hun woonplek opereren dus ze bewegen zich het liefst zo anoniem mogelijk door hun werkgebied.” Daarom doet een corporatie of vastgoedeigenaar er goed aan om een beheerplan voor gebouw en omgeving op te stellen. “Een terrein dat er verloederd bijligt, trekt nog meer verloedering aan. Zolang gebouwen en terreinen opgeruimd en overzichtelijk zijn, nodigt het anderen uit het zo te houden.”

 De wooncomplexen van het Old Hickoryplein in Maastricht hebben verschillende poorten. Goede verlichting houdt deze ook ’s nachts overzichtelijk en veilig.

Woningen
De inspecties op woningniveau wil Van Koert de komende weken afronden. “Daarna kan ik mijn advies voor Servatius opstellen en kan het project aanbesteed worden. Ik ben voor de uitbraak al wel bij enkele woningen begonnen, maar veel verder dan de voordeuren ben ik niet gekomen.” Doel is om op woningniveau wel het PKVW-certificaat te behalen. De eerste controle heeft Van Koert geleerd dat de voordeuren veelal stevig genoeg zijn om de oplegsloten die er nu in zitten, te vervangen door SKG** hoofdinsteeksloten. “Dat kunnen zowel sloten met een blokschoot als een haakschoot zijn. Een slot met een haakschoot vangt een té flexibele dunnere deur of kozijn op. Als je beide sloten betrekt van één merk, heb je vaak het voordeel dat ieder slot in hetzelfde gat in de deur past. De kozijnen moeten meestal nog worden voorzien van SKG-goedgekeurde sluitkommen of sluitplaten.”

 Voorbeeld van een voordeur voorzien van deurspion.

Cilinderveiligheidsbeslag
Ook zal Van Koert adviseren om de voordeuren uit te rusten met SKG-goedgekeurd cilinderveiligheidsbeslag met cilindertrekbeveiliging. Deze inbraakmethode heeft de laatste jaren een enorme vlucht genomen. Iedere voordeur in het wooncomplex is dan uiteindelijk minimaal drie minuten inbraakwerend. Een belangrijke eis voor voordeuren is dat de bewoner vanachter de voordeur kan zien wie er aan de deur staat. Dat kan door transparant glas, een deurspion en tegenwoordig ook door een digitale deurbel met app op de telefoon. “Inbraakwerendheid geldt ook voor de deuren en ramen aan de achterzijde van de woningen op de eerste etage, die naar het balkon leiden. Omdat die zich binnen een hoogte van 3,50 meter bevinden zijn deze opklimbaar en moeten ze ook voldoen aan drie minuten inbraakwerendheid en moeten ze verlicht worden. Als ramen of deuren niet stevig genoeg zijn of in ondeugdelijke staat, vervangt Servatius deze zonder meer door elementen die volgens NEN 5096 voldoen aan klasse 2 inbraakwerendheid. De draairamen aan de voorzijde van de woningen zitten veelal hoger dan 2,40 meter en zijn daardoor vanaf het maaiveld niet bereikbaar voor de inbreker.” Als dan de verlichting bij de toegangsdeuren van een aantal galerijwoningen op peil is en er op elke woonlaag een goedgekeurde rookmelder is geplaatst, staat volgens Van Koert niets de certificering in de weg: “Dan kan Servatius weer een bewezen veilig complex aan zijn bezit toevoegen.”

Woningcorporatie Servatius in Maastricht bezit ongeveer 10.000 verhuureenheden in de stad. De corporatie biedt vooral woningen aan in de sociale huursector – van gezinnen en senioren tot studenten en starters.
De afgelopen jaren heeft Servatius verschillende grootschalige renovatieprojecten uitgevoerd, waarbij veiligheid steevast een belangrijke rol speelde. Zo werden onder andere Mercatorplein, Blauwdorp en Wittevrouwenveld opgeknapt en wachten zij, vertraagd door Covid-19, op de eindinspectie en woningcertificering door Securikoers. Recent werd het Sint Servaasbolwerk gecertificeerd opgeleverd. Het nieuwbouwproject Tillystraat met 87 woningen wordt binnenkort opgeleverd met PKVW-certificaat en twee nieuwe projecten met 80 en 40 appartementen zijn alweer onder PKVW-label aanbesteed.

__________
PKVW schiet in eigen voet
Hoewel Cor van Koert al jaren bevlogen PKVW-er is, plaatst hij wel enkele kritische kanttekeningen bij de ontwikkeling die het Keurmerk de afgelopen twintig jaar heeft doorgemaakt. “Ik ben van mening dat het PKVW zichzelf een beetje in eigen voet heeft geschoten. Door de lat steeds hoger te leggen en soms minder goed doordachte eisen in te stellen die later weer moesten worden teruggedraaid, is het behalen van het PKVW-certificaat steeds ingewikkelder geworden – én in veel gevallen ook te duur. Zeker voor vastgoedeigenaren die veel woningen bezitten, zoals woningbouwcorporaties. Veel eigenaren hebben dan ook niet gekozen voor hercertificering. Dat zijn gemiste kansen. “Ik heb diverse keren tevergeefs geroepen dat je een hele sterke brug kunt bouwen waar de zwaarste vrachtwagen ter wereld overheen kan, maar als er geen schip onderdoor kan heb je je werk niet goed gedaan.
“Gelukkig is er een enthousiast nieuw team aan de slag gegaan bij het CCV (eigenaar en beheerder van het Keurmerk, red.) dat wél het PKVW wil verjongen, eenvoudiger en toegankelijker wil maken en die ook rekening houdt met de commerciële belangen van de afnemers.”
Vluchtvriendelijke deur en verlichting
Als voorbeeld noemt de adviseur de vluchtvriendelijke deur in de nieuwbouw met een knopcilinder. Ondanks signalen uit de PKVW-wereld dat die maatregel niet ten goede zou komen aan de inbraakbeveiliging, werd die eis ingebracht, maar na enkele jaren modderen weer ingetrokken. Ondertussen zat er wel in veel woningen duur overbodig inbraakwerend glas. Een ander voorbeeld dat nu speelt zijn de eisen aan buitenverlichting. “Voor achterdeuren die in het zicht van de straat of een andere woning liggen kan ik me erin vinden dat deze verlicht moeten zijn. Ik zie wel steeds meer verlichting met bewegingsmelder en dan vraag ik me af hoe tijdens donkere uren continu sociale ogen op een deur gericht kunnen zijn. Voor voordeuren gingen we in de beginjaren uit van een lamp als de deur onvoldoende verlicht werd om te kunnen zien wie er aan de voordeur stond. Later werd die eis bijgesteld. Als er niet binnen 7,50 meter een openbaar verlichtingspunt is dat de deur aanschijnt, moet er bij de voordeur een lamparmatuur komen. Tegenwoordig echter is de kwaliteit van de openbare verlichting meestal zo goed dat die noodzaak er vaak helemaal niet is. Ik vind: draai het om en eis een lamp bij de voordeur als de bewoner vanachter de voordeur niet kan zien wie er buiten staat. Laat de beoordeling aan de PKVW-erkende bedrijven.”
Ook bij nieuwbouw hebben scherpere regels het behalen van een PKVW-certificaat volgens Van Koert ‘onnodig duurder gemaakt’. “Was in 2001 een aansluitpunt voor verlichting bij de voordeur nog voldoende, in 2008 werd besloten dat er altijd een lamp gemonteerd moest worden. Jammer, want met de steeds betere straatverlichting is zo’n lamp vaak overbodig. Navrant is dat ontwikkelaars en aannemers nu een allergoedkoopst lampje monteren dat zo lelijk is dat de bewoners die onmiddellijk vervangen.”

__________
Van politie naar PKVW
Cor van Koert (67 jaar) maakte in 1996 kennis met het Politiekeurmerk Veilig Wonen. “Ik werkte bij de politie en zag wat voor een impact woninginbraken op bewoners hadden. Tijdens een woninginbraakproject van politie Brabant-Zuidoost kwam ik voor het eerst in aanraking met het Keurmerk. In de loop der jaren heb ik in 22 gemeenten met de gemeentebesturen, woningcorporaties en andere vastgoedeigenaren samengewerkt als projectleider PKVW.” In 2001 legde politie Brabant-Zuidoost de verantwoording en uitvoering bij de gemeentes en PKVW-erkende bedrijven. In 2002 startte Van Koert zijn eigen bedrijf Securikoers en houdt zich sindsdien van A tot Z bezig met het PKVW – van het verzorgen van cursussen tot advisering, audits, inspectie en certificering. Vanuit Helmond werkt hij voor klanten in het hele land. Hoewel Servatius niet uniek is in zijn structurele aandacht voor het PKVW, ziet de adviseur niet veel corporaties die het zo voortvarend aanpakken. “Dat komt mede door de kosten natuurlijk, maar voor corporaties als Servatius is het een bewuste keuze. Zij investeren in de veiligheid van woningen en wooncomplexen om het woongenot van hun huurders te vergroten. En een tevreden huurder is veel waard.” www.securikoers.nl

__________

Dit artikel staat in de Raam en Deur editie 3(juni)-2020 rubriek Politiekeurmerk Veilig Wonen (DEEL 9)

Tekst Geert Hilferink Foto’s Cor van Koert

 

Hier uw advertentie?
Bel +31 (0)73 503 35 44.

Schrijf u in voor onze nieuwsbrief