Optio, Van Wanrooij, bouwen als herhalingsoefening

Optio, Van Wanrooij, bouwen als herhalingsoefening

In het bouwconcept Optio van Van Wanrooij draait het om standaardisatie en keuzevrijheid.

Kern van het concept zijn modelplattegronden en talloze opties die van die gestandaardiseerde plattegronden weer maatwerkwoningen maken. Keuzevrijheid binnen gestelde grenzen, noemt Van Wanrooij's regio manager projectontwikkeling Hendrik Hulscher dat. Van Wanrooij zette Optio in 2010 in de markt en haalt inmiddels 90% van zijn bouwproductie uit Optio-woningen. Opvallend: Optio-woningen worden op traditonele manier gebouwd. Maar elk proces op de bouwplaats en elk product dat door de handen van de bouwvakkers gaat, is door van Wanrooij uitgeëngineerd en geoptimaliseerd. Resultaat: snel en foutloos gebouwde woningen tegen een scherpe kostprijs.

Van Wanrooij startte in 2007 met de ontwikkeling van het Optio-concept. Eerste doelstelling destijds: een forse interne efficiency-slag bereiken, aldus Hendrik Hulscher: “We wilden als ontwikkelaar van nieuwbouwwoningen niet steeds opnieuw het wiel uitvinden. We waren bij ieder nieuw project steeds weer in discussie met architecten en ingenieurs; waar moet de trap komen, hoe breed moet de trap worden, hoe lang? En de discussie beperkte zich niet tot de trap, het ging ook zo bij de vloerplaten, de slaap- en badkamerindeling, de gevels, kortom het hele bouwproject.” 
Om van die discussies bevrijd te zijn, zette Van Wanrooij medio 2007 de eerste stap op weg naar een herhaalbaar, gestandaardiseerd bouwconcept. Op zoek naar synergie, deed Van Wanrooij dat met interne werkgroepen uit verschillende disciplines. Medio 2008 lagen de eerste uitgewerkte basisplattegronden op de tekentafel. 

Meer dan 1000 plattegronden
En toen kwam de crisis, eind 2008. Inclusief alle gevolgen voor de woningbouwproductie. Hulscher: “Voor ons was de crisis reden om Optio te versnellen en het aantal basisplattegronden uit te breiden. Zo lieten we het concept zo goed mogelijk aansluiten op het complete projectmatige programma van de woningmarkt. Met dat veel bredere pallet aan plattegronden draaiden we een aantal pilots, die ons overtuigden van het concept.” 
In 2010 volgde de marktintroductie en benaderde Van Wanrooij gemeenten, corporaties en andere partijen –  met een concept met 26 modelplattegronden, goed voor meer dan 1000 verschillende plattegronden, waarin alleen de trap en natte cel altijd gefixeerd zijn. Hendrik Hulscher: “Met alle opties ontstaat uit een modelplattegrond een volledig geïndividualiseerd eindproduct – en die individualisering gaat van plattegrond tot gevelbekleding, van dakpan tot hang- en sluitwerk, van kozijnmaat tot aan keuze van de buitendeur.”
Met Optio wist Van Wanrooij de ontwikkeltijd veel korter te maken en de bouwtijd meer dan te halveren. Hendrik Hulscher: “Voor ons is het bouwen van een woning altijd een herhalingsoefening.” Dat leidt tot kostenreductie en een beter product, stelt Hulscher: “We hebben geen opleveringsfouten, want de afstemming is uitgeëngineerd. Wij hanteren foutloos opleveren tegenwoordig als harde eis en garantie. Van andere producten, zoals auto's, telefoons, tablets en meubels verwachten we allemaal dat ze foutloos functioneren. In de bouw kan dat ook.”

'Voor ons is het bouwen van een woning altijd een herhalingsoefening' 

Optimum
De Optio-woningen bouwt Van Wanrooij conventioneel, op de bouwplaats. Hulscher: “We bouwen traditioneel, maar met vaste partners. Dat deden we van oudsher al zo, maar met Optio hebben we het aantal partners wel ingeperkt. Met die selecte groep hebben we alle facetten van het bouwen met Optio geoptimaliseerd. De kozijnen bijvoorbeeld zijn altijd van hout. De modelplattegronden hebben we met de fabrikant afgestemd op de productie van de vloerplaten. De dakhelling en -lengte is in overleg met de fabrikant zo uitgekiend dat we met zo weinig mogelijk materiaal de dakplaten kunnen laten fabriceren en dus kosten besparen. Voor elk woningonderdeel is met co-makers een optimum ontwikkeld.” 
Van Wanrooij prefabriceert zijn Optio-woningen dus niet in een fabriek. Hulscher: “Als dat een aanzienlijk financieel voordeel zou opleveren, zouden we dat wel doen. Maar het heeft vooral nadelen ten opzichte van onze huidige manier van bouwen. Bij een volledig prefab casco kunnen we klanten aanzienlijk minder keuzes bieden dan nu het geval is en zouden keuzes ook veel eerder gemaakt moeten worden. Dat is niet prettig voor de klant en niet voor ons. Prefab biedt minder keuzevrijheid en is minder klantvriendelijk.”

Het nieuwe werken
Voor het Optio-concept koos Van Wanrooij een beperkt aantal vaste co-makers en partners. De co-makers en partners uit de ramen- en deurenbranche staan allemaal net even anders in het concept. Zowel wat betreft hun status binnen het concept, hun contractvorm met Van Wanrooij als de hoeveelheid werk die men aan het Optio-concept heeft. 

Langenhuizen Glasservice uit Heesch levert voor het Optio-concept het HR++ glas. Afhankelijk van het Optio-project is dat HR++ glas met een bepaalde isolatiewaarde, veiligheidsglas, brandwerend of zonwerend glas, vertelt directeur Marc van de Ven: “Wij zijn als co-maker in de beginfase bij de ontwikkeling van het concept betrokken, toen er een overstap gemaakt werd van glasmontage op de bouw naar prefab glasmontage. Daar hebben wij toen onze vakkennis ingebracht. Dat is ook goed, want bij timmerfabrieken heerst vaak onwetendheid over NEN-normen, handling of de manier van plaatsen als het om prefab glasmontage gaat.”
Inmiddels typeert Van de Ven zijn relatie met Van Wanrooij als een partnerschap: “Het concept draait goed en nu zijn we meer partner. Wij adviseren Van Wanrooij bijvoorbeeld over nieuwe producten die op de markt komen.” Langenhuizen heeft met Van Wanrooij jaarlijkse prijsafspraken, waarin behalve leveringen ook na-service op de bouwplaats zit – plus dat adviserende partnerschap. Marc van de Ven: “We merken dat de markt verandert van montage op de bouw naar prefab. Voor ons is dat een markt erbij. Onze binnendienst is gegroeid om aan die leveringen te kunnen voldoen.”

Regie 
Het hang- en sluitwerk voor de Optio-woningen is afkomstig van Burghouwt in Echt. Commercieel technisch adviseur Paul Waterschoot: “Wij leveren aan de timmerfabriek van Van Wanrooij en aan Van Wanrooij Bouw het hang- en sluitwerk voor ramen, deuren en kozijnen, lijmen, dichtingen en ventilatieroosters, de kranerijen (kit, pur) en gereedschap. Van Wanrooij stelt twee eisen: snel leveren en geen naleveringen.” 
Waterschoot heeft een adviserende rol, maar de regie ligt bij Van Wanrooij, stelt hij: “Bij dat advies gaat het om langs de zijlijn onder de aandacht brengen van bepaalde producten. Maar Van Wanrooij bepaalt welk product uiteindelijk gebruikt word. En we werken ook niet samen met andere co-makers. Er is geen sprake van ketensamenwerking.”
Burghouwt heeft met Van Wanrooij een duurzaam, langlopend vast contract. Dat heeft voordelen, aldus 
Waterschoot: “Het volume is bekend en ligt vast. En als we afspreken producten te leveren voor bijvoorbeeld luchtdicht bouwen en Van Wanrooij gebruikt die uiteindelijk niet, dan worden ze netjes afgenomen en gebruikt Van Wanrooij ze in andere projecten of ze gaan door naar andere bedrijven die voor Van Wanrooij werken.”

Omschakeling
Machinaal Timmerbedrijf Van Heertum uit Vorstenbosch levert voor het Optio-concept Concept II+ producten. Directeur Edward van Heertum: “Wij leveren houten kozijnen, ramen en deuren, beglaasd en voorgelakt, in beschermfolie met compriband, lateislabben en hijsbanden, dus alles erop en eraan. Het concept is behoorlijk repeterend, maar wel met verschillen in de opties voor de vakvullingen en de maatvoering.” 
Van Heertum werd partner nadat Van Wanrooij het concept intern had uitontwikkeld – met de eigen timmerfabriek. Van Heertum: “Het product is door Van Wanrooij in de loop der tijd wel doorontwikkeld. We gebruiken nu bijvoorbeeld een nieuw type compriband. Dergelijke ontwikkelingen ontstaan uit ervaringen op de bouwplaats.” 
Voor Timmerbedrijf Van Heertum was meewerken met Optio een omschakeling: “We moesten er vijf jaar geleden de routing van onze productie voor aanpassen. Het leveren van Concept II+ vergt een ander productieproces.” Van Heertum heeft geen jaarcontract met van Wanrooij: “Wij leveren per project op basis van offertes. Dat is omdat het werk toch vaak te wisselend is om in een jaarcontract onder te brengen. Wij kunnen geen kozijnen op voorraad maken, de maten en vakvullingen variëren. Het is en blijft maatwerk.”
Van Heertum levert inmiddels voor meer opdrachtgevers een dergelijk concept.  

Op gelijke voet 
Ook Helwig Timmerfabriek uit Geleen levert voor het Optio-concept Concept II+ kozijnen. Maar alleen dan, wanneer de timmerfabriek van Van Wanrooij zelf het niet meer bolwerkt, vertelt Sales Manager Erik Slootmaekers: “Voor ons is het Optio-concept minder dan 5% van de omzet.” Slootmaekers typeert zich dan ook als 'partner, eerder dan co-maker': “We staan op gelijke voet als het gaat om het uitwisselen van informatie over noviteiten, dat doen we wederzijds.” En ook Van Helwig werkt zonder jaarcontract: “De gevel is binnen alle standaardisatie toch steeds weer maatwerk.”
Kozijnen in Concept II+ zijn voor Helwig core business: “De markt is op een gegeven moment gaan vragen om een upgrading van II. De branche ontwikkelde daarop II+. Van Wanrooij was een van de eerste bedrijven die die filosofie omarmde.” Inmiddels komt 40% van de omzet van Helwig uit concepten. Slootmaekers: “Bij dat deel van de omzet opereren we wel als echte co-maker.”
  
Winst
Van de Vin Ramen en Kozijnen uit Heeze levert eveneens Concept II+ kozijnen – en ook Van de Vin doet dat alleen dan wanneer de timmerfabriek van Van Wanrooij het productievolume zelf niet aankan. Directeur Mathee van de Vin ziet zichzelf als co-maker, al zou wat hem betreft die rol binnen het concept nog wel wat verder kunnen worden uitgewerkt: “Wij zijn in 2015 als co-maker aangeschoven bij het concept. We zouden wel meer in de planvorming bij projecten betrokken willen worden. In het proces en op productniveau is volgens ons nog winst te halen. En we zouden een rol kunnen spelen bij het verwerken van onze producten. Wij zijn ook op de bouwplaats present met presentaties over het optimaal verwerken van onze producten.” 
Ook Van de Vin Ramen en Kozijnen werkt niet met jaarlijkse afspraken met Van Wanrooij: “Met andere partners doen wij dat wel. Dat heeft voordelen; je komt sneller tot prijsvorming en dat betekent dat je meer tijd hebt om aandacht te besteden aan de uitvoering.” 
Bij Van de Vin Ramen en Kozijnen is meer dan 50% van de omzet tegenwoordig voor projectoverstijgend werk. Mathee van de Vin: “In 2011 hebben we daar pro-actief op ingezet. Het wordt in de toekomst in onze branche denk ik meer zoals in de auto-industrie met zijn toeleveranciers; er moet een eindproduct komen binnen een bepaald budget en dat budget wordt bepaald door de markt. Je moet dan oplossingen ontwikkelen om aan die eis te voldoen. De behoefte van de klant blijft daarbij in beweging - en jij moet meebewegen.”

Voet aan de grond
Conceptueel bouwen krijgt steeds meer voet aan de grond, zo lijkt het. Steeds meer consortiums bedienen de markt met concepten voor renovatie en nieuwbouw; Platform31 kon er jaren terug al een hele brochure mee vullen. Reden voor Raam en Deur om in een serie een aantal concepten tegen het licht te houden en te kijken naar de rol van gevelbouwers en de raam- en deurenbranche in deze nieuwe manier van bouwen. 

Co-makers en partners 
Van Wanroooij werkt binnen het Optio-concept met vaste leveranciers/co-makers. Op het gebied van ramen en deuren zijn dat:
Buitendeuren: Kegro deuren, Groesbeek 
Binnendeuren: Berkvens, Someren 
Beglazing: Langenhuizen Glasservice, Heesch 
Beslag/ijzerwaren: Burghouwt, Echt 
Verf: Sikkens 
Houten gevelkozijnen: Van Wanrooij Timmerfabriek, Geffen; Helwig Timmerfabriek, Geleen; Van de Vin Ramen en Kozijnen, Heeze; Machinaal Timmerbedrijf Van Heertum, Vorstenbosch 

Tekst:   Hans Fuchs
Foto's:  Van Wanrooij

Hier uw advertentie?
Bel +31 (0)73 503 35 44.

Schrijf u in voor onze nieuwsbrief