“Machtig mooi middel om inbraak tegen te gaan”

“Machtig mooi middel om inbraak tegen te gaan”

Het is deze maand precies 25 jaar geleden dat Erik Peters samen met onder meer mensen van de toenmalige politieregio Utrecht de basis legde voor het Politiekeurmerk Veilig Wonen. 

Het keurmerk zag een paar maanden later, op 1 januari 1995 het levenslicht en is uitgegroeid tot een begrip. “Inbrekers zetten steeds zwaarder geschut in. Mede daardoor kwam de lat voor het PKVW-certificaat steeds hoger te liggen.”

Na een carrière in onder andere productontwikkeling en kwaliteitsbeheer in de foodindustrie werd Erik Peters in het najaar van 1994 door de politieregio Utrecht gevraagd om te helpen bij het opzetten van een keurmerk voor inbraakbeveiliging. “Mijn vader was hoofd beveiliging bij de Melkunie, dus de interesse in beveiliging heb ik van huis uit meegekregen.” Inmiddels kan Peters zich bouwkundig beveiligingsdeskundige, auditor, senior-adviseur, -inspecteur en docent Politiekeurmerk Veilig Wonen noemen. De 62-jarige Peters werkt bij het Centrum voor Beveiliging en Veiligheid (CB&V), het uitvoeringsorgaan van het Politiekeurmerk Veilig Wonen.

 Erik Peters.
Inbraakbeveiliging meer is dan een goed slot alleen. “Het Politiekeurmerk Veilig Wonen is een totaal aan maatregelen om een woning, straat of hele wijk zo veilig mogelijk in te richten.”

High impact crime
“Onder het motto ‘samen werken aan veilig wonen’ zijn we eind 1994 in Utrecht gestart. Woninginbraak is een high impact crime met vaak grote gevolgen voor bewoners. Daar wilden ze in Utrecht iets tegen gaan doen. Twee politieregio’s, Hollands Midden en Utrecht, hebben het opgepakt, waarbij Utrecht het keurmerk voor bestaande bouw onder de loep nam en Hollands Midden dat voor de nieuwbouw.” Begonnen werd met een intensieve training voor alle betrokkenen. Peters: “Daarbij werd veel aandacht besteed aan de vraag hoe inbrekers denken en hoe ze te werk gaan. Dat is erg belangrijk voor het bepalen van de te nemen maatregelen en de voor te schrijven eisen waaraan producten moesten voldoen.”

Kennisoverdracht
Nadat het Politiekeurmerk Veilig Wonen op 1 januari 1995 officieel geïntroduceerd werd, ging het hard. “Andere politiekorpsen en regio’s waren al snel geïnteresseerd en PKVW sloeg aan. Op zich niet vreemd, want woninginbraken waren een plaag in bijna alle regio’s van het land. De behoefte aan kennisoverdracht was meteen al heel groot.” Na de vraag ‘hoe gaat een inbreker te werk?’, kwam de vraag: ‘hoe veilig zijn de woningen in Nederland?’ “Uit onderzoek bleek het echt droevig gesteld te zijn met die veiligheid. Dat had met allerlei factoren te maken, maar de kwaliteit van hang- en sluitwerk stak erbovenuit.”

Productenlijst
De initiatiefnemers van het Politiekeurmerk Veilig Wonen namen al het op de markt verkrijgbare hang- en sluitwerk onder de loep. “Wekenlang hebben we alles wat er te koop was onderzocht. Eerst volgens de verwerkingsvoorschriften van de fabrikanten alles vastgeschroefd en vervolgens getest. Dat heeft geleid tot veel verbetering, vernieuwing en productinnovatie.” Met de kennis van dat moment werden bestaande normen bijgesteld. “Die aanpassing heeft geleid tot de eerste Beveiligingsrichtlijn met daaraan gekoppeld een Productenlijst met al het verkrijgbare hang- en sluitwerk dat aan die normen van die Beveiligingsrichtlijn voldeed”, aldus Peters.

Jaarlijks bijgesteld
De Beveiligingsrichtlijn van het PKVW wordt ieder jaar bijgesteld. “Noodzakelijk, want inbrekers zitten ook niet stil. Als zij nieuwe manieren vinden om een woning binnen te komen, moet de richtlijn aangepast worden. In sommige gevallen kunnen we zelfs niet een heel jaar wachten omdat de nieuwe manier halverwege dat jaar ineens veelvuldig wordt toegepast. Zoals bij cilindertrekken, dat ineens de kop opstak. Dan moeten we snel reageren.”
Ook de Productenlijst wordt continu bijgesteld en aangevuld. Peters: “De eerste Productenlijst in 1996 telde twee pagina’s, inmiddels is het een document met 74 pagina’s aan hang- en sluitwerk waarmee mensen hun woning volgens de PKVW-normen kunnen beveiligen.” Deze lijst wordt twee keer per jaar aangepast en gepubliceerd, in april en november.

Handboek
In 1997 verscheen het eerste Handboek Politiekeurmerk Veilig Wonen voor bestaande bouw en nieuwbouw. “Dat gebeurde onder verantwoordelijkheid van het Beheer Instituut PKVW. In het handboek staan onder meer richtlijnen en regelgeving rondom het keurmerk voor verschillende partijen – naast de PKVW-bedrijven ook voor de opdrachtgevers, gemeenten, woningcorporaties en verenigingen van eigenaren.” Ook dit handboek wordt regelmatig geactualiseerd. “Zo leggen wij momenteel samen met het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid en andere deskundige partijen de laatste hand aan het nieuwe Handboek Politiekeurmerk Veilig Wonen voor bestaande bouw en nieuwbouw, dat binnenkort verschijnt.”

Eenvoudiger
Het nieuwe handboek maakt volgens Peters de uitvoering van het Politiekeurmerk Veilig Wonen eenvoudiger. Peters: “De praktijk staat centraal bij de realisatie van de nieuwe versie. We willen het behalen van het PKVW-keurmerk zo eenvoudig mogelijk maken zonder natuurlijk afbreuk te doen aan de veiligheidseisen. Dat betekent dat bepaalde regelgeving meer is aangepast aan de dagelijkse praktijk.” Zoals Peters al zei: aan de beveiligingseisen worden geen concessies gedaan. “We hebben vanaf 1995 gezien dat de manier waarop inbrekers te werk gaan niet alleen steeds slimmer, maar ook steeds grover wordt. Mede daardoor kwam de lat voor het behalen van een PKVW-certificaat steeds hoger te liggen.”

Hoge kosten
Die hoge lat zorgde overigens wel voor een tijdelijke terugval in de interesse. “Zeker in de crisisjaren kregen ze onder andere bij het CCV (die eindverantwoordelijk is voor het Politiekeurmerk Veilig Wonen, red.) steeds vaker van corporaties en particulieren te horen dat het PKVW niet meer haalbaar was. De kosten van de beveiligingsmaatregelen, waaronder het goedgekeurde hang- en sluitwerk en verlichting werden te hoog. Dit leidde tot een daling van het aantal toegekende certificaten.” Volgens Peters heeft het CCV goed geluisterd naar deze klachten en in 2017 werd besloten het PKVW anders te organiseren. Tot dat moment waren drie instanties betrokken bij de uitvoering van het PKVW: Kiwa, de Certificatie Instelling Beveiliging en Veiligheid (CIBV) en CB&V. “Besloten is dat wij, het CB&V, als enige uitvoeringsorganisatie verder gaan. Vervolgens is samen met het CCV gekeken hoe de nieuwe organisatie ingericht moest worden en de regelgeving moest worden aangepast.”

Erkenningsregeling
Een van de eerste zaken die onder handen werd genomen, was de Erkenningsregeling voor PKVW-bedrijven. “De audits bij de kandidaatbedrijven en bestaande bedrijven voeren wij vanuit het CB&V uit. Daarbij is coaching erg belangrijk; kijken hoe we deze bedrijven kunnen helpen in plaats van op de vingers tikken. Voor deze bedrijven moet helder zijn bij wie ze terecht kunnen met vragen. Als het om de regelgeving gaat, is het CCV het juiste adres, voor alle technische vragen kunnen ze zich tot ons wenden. Dat is heel overzichtelijk.” Daarnaast is gekeken hoe het keurmerk duidelijk uitgelegd kan worden aan particulieren, bouwers, woningcorporaties en gemeenten. “Zij moeten er uiteindelijk mee aan de slag en we merken dat de weg die we sinds 2017 zijn ingeslagen werkt. Men wil weer meer met het PKVW aan de slag.”

Cijfers helpen
Belangrijk in het uitdragen van het PKVW-keurmerk is het inzichtelijk maken van het effect. “Als we in een video laten zien hoe makkelijk een standaardslot te forceren is, maakt dat vooral particulieren bewust. En harde cijfers werken bij de grote partijen zoals woningcorporaties en gemeenten. Toen we na onderzoek aantoonden dat een inbreker bij een woning die voldoet aan het keurmerk tot 96 procent minder kans had om binnen drie minuten binnen te komen, was dat voor gemeenten zoals Utrecht aanleiding om subsidie te verstrekken aan inwoners die hun huis op PKVW-niveau brengen. Zo’n gemeente ziet de voordelen op langere termijn. Minder schade, minder onveilige wijken.”

 Een voorbeeld van een deur die duidelijk niet aan de PKVW-eisen voldoet.

Meer dan een goed slot
Peters benadrukt dat inbraakbeveiliging meer is dan een goed slot alleen. “Het Politiekeurmerk Veilig Wonen is een totaal aan maatregelen om een woning, straat of hele wijk zo veilig mogelijk in te richten. Dus ook zaken als openbare en voor- en achterdeurverlichting zijn belangrijk. Net als goede zichtlijnen in een wijk en het voorkomen van afgelegen, slecht verlichte pleintjes en steegjes.” Zeker in nieuwbouwplannen ziet het CB&V de laatste jaren een bescheiden toename in het aantal aanvragen van het keurmerk. Daarbij zijn de gemeenten vaak aanjager. Goed voorbeeld daarvan is de wijk Dragonder-Oost in Veenendaal, zegt Peters. “Hier heeft de gemeente het zelfs als voorwaarde bij de ontwikkelaar en bouwer neergelegd. Niet alleen de woningen moeten op individueel niveau voldoen aan de eisen van het keurmerk, ook de openbare ruimte in de wijk moet zo ingericht worden dat mensen zich er veilig voelen.”

Stickers
Woningen die voldoen aan het PKVW-keurmerk krijgen – naast het certificaat – ook twee stickers die de bewoners op de ramen kunnen plakken. “Die stickers zijn echt enorm populair”, aldus Peters. “Mensen plakken ze maar wat graag op de voor- en achtergevel om aan te geven dat een inbreker niet zomaar binnen is.” Dat de stickers ook daadwerkelijk effect hebben, is volgens Peters al vaker gebleken. “Treffend voorbeeld was een complete straat waar alle woningen gekeurd en gecertificeerd waren. Alle bewoners plakten hun stickers op de ramen, op één na. Hij vond het geen gezicht, zo’n sticker en bovendien grote onzin.” Toen enkele maanden later alleen bij zijn woning meerdere inbraakpogingen waren gedaan, plakte bij alsnog de stickers op de ramen. “De inbrekers waren overigens niet binnen geweest, zijn woning voldeed immers aan het keurmerk”, aldus Peters met een glimlach.

Misbruik
Het succes van het PKVW-keurmerk is meteen ook een van de mogelijke bedreigingen. “Het logo is eenvoudig van internet af te halen en met name malafide slotenmakers maken misbruik van de kracht van het keurmerk. Zij presenteren zich als erkend bedrijf, maar leveren vervolgens slecht werk en presenteren torenhoge facturen.” Daarom heeft het CCV www.politiekeurmerk.nl gelanceerd waarop alle PKVW-erkende bedrijven te vinden zijn. Overigens zijn het niet alleen malafide slotenmakers die een loopje nemen met de regels van het PKVW. “Ook minder serieuze fabrikanten van complete gevelelementen proberen soms een product te verkopen als inbraakwerend, maar dat bij oplevering toch niet de in de nieuwbouw verplichte weerstandsklasse 2 heeft.” Dat is bij een gevelelement bijvoorbeeld heel eenvoudig te controleren. Als het is goedgekeurd en voldoet aan die weerstandsklasse, is dat keurmerk voorzien van voorgeschreven merktekens, namelijk plastic proppen in houten gevelelementen en stickers op kunststof en metalen gevelelementen. 
“Staat dat er niet in, accepteer het dan niet als bouwer, want uiteindelijk ben jij verantwoordelijk, via het Bouwbesluit, voor het leveren van woningen voorzien van gevelelementen die aantoonbaar voldoen aan Weerstandsklasse 2 NEN 5096. Daarom verzorgt het CB&V voorlichting aan de bouwende partijen, zodat zij op de hoogte zijn van de nieuwste regelgeving rond het PKVW Nieuwbouw.”

Kwetsbaar
Een andere kwetsbare factor in het Politiekeurmerk Veilig Wonen is de uiteindelijke bewoner of gebruiker van een gebouw. “Je kunt het nog zo veilig ontwerpen en bouwen, als mensen de juiste toepassing ervan omzeilen, ben je die veiligheid meteen kwijt.” Peters noemt een concreet voorbeeld. “Om in een appartementengebouw vanuit de centrale hal, in de gang met de bergingen te komen, hebben de bewoners een sleutel nodig. Tijdens een herkeuring van dat gebouw, zag ik dat iemand een spijkertje in het slot had geslagen, waardoor de sleutel niet meer nodig was en het een loopdeur was geworden. Misschien handig voor bewoners, maar ook meteen een uitnodiging aan inbrekers. Dat toont de noodzaak voor continue voorlichting en bewustmaking.”

Alleen bewezen kwaliteit telt
Het Politiekeurmerk Veilig Wonen is in het leven geroepen om de inbraakbeveiliging van woningen en woongebouwen te optimaliseren en op een ‘veilig’ niveau te brengen. “Dat begint bij goede bouwkundige beveiliging door het gebruik van goed en gecertificeerd hang- en sluitwerk”, stelt Erik Peters van uitvoeringsorganisatie CB&V. “Zeker als dat is geïnstalleerd door een erkend PKVW-bedrijf kan een consument of andere opdrachtgever ervan verzekerd zijn dat de woning aan de eis van drie minuten inbraakvertraging voldoet.” Voor nieuwbouwwoningen geldt Weerstandsklasse 2, wat inhoudt dat het gevelelement door inbrekers niet binnen drie minuten geforceerd kan worden. “Daarbij telt alleen de bewezen kwaliteit, PKVW is niet alleen een goed, maar ook een bewezen keurmerk.” Voor de bestaande bouw wordt gekeken naar de kwaliteit van de ramen en deuren, deze dienen stevig en van goede kwaliteit te zijn. Vervolgens worden de ramen en deuren voorzien van gecertificeerd hang- en sluitwerk.

PKVW Zwaar
Naast het gewone PKVW bestaat ook ‘PKVW Zwaar’ voor bestaande bouw. “Daarbij geldt dat de combinatie van toegepaste producten meer dan drie minuten weerstand biedt, maar hoeveel meer is niet gespecificeerd. Dan kan vier minuten zijn, maar misschien zelfs zes. Ook hiervoor kan men terecht bij een erkend PKVW-bedrijf”, aldus Peters.

Inspectie bestaande en nieuwbouw
PKVW-erkende bedrijven mogen alleen bestaande woningen inspecteren. Erik Peters van CB&V: “De inspectie van nieuwbouw is een stuk lastiger dan bestaande bouw. Daar heb je echt wel meerdere jaren ervaring en specifieke kennis van de gevelelementen voor nodig, zodat je weet waarop je moet letten.” De scheiding tussen nieuwbouw en bestaande bouw bij inspecties dateert al uit de jaren negentig. “Nieuwbouwwoningen worden alleen door inspectie-instellingen beoordeeld en bij goedkeuring gecertificeerd. Wel volgens de strenge richtlijnen, waardoor de kans op fouten ook tot een minimum beperkt blijft.” Het CB&V voert vervolgens steekproefsgewijs controles uit op het geleverde werk van de erkende PKVW-bedrijven. De consument wordt al tijdens het adviesgesprek en in de offerte gewezen op die mogelijke eindinspectie door ons.”

Dit artikel staat in Raam en Deur september editie 5-2019 in de serie POLITIEKEURMERK VEILIG WONEN (deel 5)
Tekst Geert Hilferink Foto’s Centrum voor Beveiliging en Veiligheid; PKVW

Hier uw advertentie?
Bel +31 (0)73 503 35 44.

Schrijf u in voor onze nieuwsbrief